LezersTest: My first sparerib

Zelden of nooit was de redactie van SpareribsTest.nl zo verrast, als afgelopen week. Want wat zat er in onze mailbox? Een recensie, geschreven door een fan. Margreeth Fernhout, had voor het ontdekken van SpareribsTest nog nooit ribs gegeten. Onze site heeft daar verandering in gebracht en om ons te bedanken, heeft de journaliste een stukje over haar ‘ribontmaagding’ geschreven. Lees meer en laat dit een hint zijn naar alle andere fans! Recensies insturen mag, wie weet worden ze wel geplaatst… My first sparerib
Kluiven, het is niet mijn ding. Een appel, lollie of maiskolf afkluiven is tot daar aan toe, maar dat alles heeft niet de nadelen die spareribs wel hebben. Ondefinieerbare stukjes. Peesjes, spiertjes en allerlei andere onderdelen waarvan alleen een veearts het bestaan zou moeten weten. Ik ben gek op vlees, maar niet als ik kan zien wat het geweest is. Laat staan dat ik kan aanwijzen waar het ooit zat.

Tot  dusver waagde ik mij dan ook niet aan spareribs. In een restaurant eet ik graag iets waarvan ik vrij zeker weet dat ik het lekker vind. En als vrouw mijn mannelijkheid bewijzen door een groot gebraden stuk vlees met botten op te knagen hoeft ook niet. Maar als er een barbecue is en bij de C1000 er op mysterieuze wijze een pond spareribs (dat is vijfhonderd gram, voor de leken onder ons) in het winkelwagentje belandt, moet je er wel aan geloven. Wel een makkelijke versie: voorgebraden en al. Tien minuutjes op de barbecue en klaar.

De bereiding bepaalt ongetwijfeld een groot deel van de smaak van de sparerib. Aangezien de barbecue met moeite en met hulp van terpentine (ja echt, terpentine) was aangestoken mag het een wonder heten dat ik nog leef. Maar al het andere vlees smaakte prima, dus ook de smaak van de spareribs zou niet negatief beïnvloedt hoeven zijn door de bereiding.
Toen de spareribs eenmaal op mijn bord lagen, restte er mij, spareribmaagd, een aantal basale vragen. Allereerst: waar te beginnen? Mijn sparerib leek aan alle twee de kanten te beginnen met bot; niet handig. Vraag twee: moet je dat bot er nu gewoon woest met je tanden afscheuren of er beschaafd afsnijden? Ik koos voor scheuren, dat leek me toch het meest bij het hele gebeuren rond spareribs eten passen. Ten slotte: de saus. Onder het mom van ‘met curry smaakt alles’, koos ik voor curry.

Dan. Het Moment. Kauwen. Hm. Dus dit is sparerib. Beetje droog, niet kruidig, maar wel met een echte vleessmaak. Zo’n beetje als een goede varkenshaas, maar dan minder sappig. Ik spiekte zijdelings naar een meer ervaren spareribseter: ‘Het hoort zo?’ Ja, een sparerib hoort zo te smaken. Of beter, niet al te beste, doorsnee spareribs smaken zo. Liet ik mij vertellen, ik heb geen verstand van zaken.

Na vier ribjes hield ik het voor gezien. De smaak vond ik weinig interessant en het werk dat je er voor moet doen de moeite niet waard. Er blijft ook veel te veel afval over, veel te veel geld voor zo’n rot beetje vlees. Heren, van mij mogen jullie lekker aan de barbecue gaan zitten en Vlees met een hoofdletter V slachten, doe mij maar een gehaktbal. Oh, en als je dan toch spareribs wilt eten, kies dan voor kwaliteit en niet voor de C1000.

Cijfers
Malsheid: 6
Smaak: 7
Marinade: geen
Bijgerechten: n.v.t
Ambiance: 8
Prijs/Kwaliteit:5

Gemiddeld: 6,5

C1000 is een supermarktketen met vestigingen door heel het land.
www.c1000.nl

Comments are closed.